Geschiedenis

Geschiedenis

Het Gemeenschappelijk Hof is opgericht in 1868 in Curaçao. Het is een van de oudste instituties in de Caribische delen van het Koninkrijk der Nederlanden. Het Reglement dat de Rechterlijke Macht in de kolonie Curaçao organiseerde, werd op 4 september 1868
vastgesteld bij Koninklijk Besluit. Op 1 mei 1869 werd dit Reglement ingevoerd, samen met het
Burgerlijk Wetboek en het Wetboek van Strafrecht. Op diezelfde datum werden de leden van
het Hof officieel geïnstalleerd door gouverneur mr. A.M. de Rouville. De gouverneur had
bezwaar tegen lekenrechtspraak, omdat dit de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht
bedreigde. Bovendien fungeerde tot 1869 alleen het Hof van Justitie in Suriname als het
appèlcollege, ook voor Curaçao.

Sinds 1869 heeft het Gemeenschappelijk Hof verschillende organisatorische en
naamswijzigingen ondergaan. In 1918 veranderde de rechterlijke structuur van kantongerechten
op alle eilanden. Er kwam een Raad van Justitie in Sint Maarten en een Hof van Justitie in
Curaçao. De leden van het Hof dienden als rechters in eerste aanleg, terwijl het Hof ook
fungeerde als appelinstantie. Na de vorming van de Nederlandse Antillen kreeg het Hof de
naam Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen. In 1986 werd de naam
van Aruba (als autonoom land) aan de naam van het Hof toegevoegd. Na de laatste
constitutionele wijzigingen op 10 oktober 2010 werd het Gemeenschappelijk Hof bij Rijkswet
zelfstandig, met eigen verantwoordelijkheid voor de bedrijfsvoering en met een personele unie.
Sindsdien draagt het Hof in zijn naam alle namen van de landen en eilanden die het dient:
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint
Eustatius en Saba.